Het is deze week autismeweek. Het thema is ‘Wat is rust voor jou?’ Wat een lastige vraag in een samenleving waar zelfs niet-autisten met bosjes uitvallen op het werk.
De druk op de maatschappij wordt steeds groter; de vergrijzing neemt toe, er is een stijgende inflatie, men moet vrezen voor z’n baan als gevolg van reorganisaties of robotisering, geldkranen worden steeds dichter gedraaid. Dat geeft stress. Veel stress. Het leven wordt tenslotte steeds duurder, ondanks alle mooie woorden van de overheid.
Hoe kan je blijven staan in die snelle wereld? Hoe kan je je brein rust gunnen in een tijdperk waarin je eigenlijk constant overprikkeld raakt? Daar zijn onze hersenen helemaal niet voor gemaakt.
Als je dan kijkt naar het autistische brein; meer gedetailleerde verwerking, soms sterkere onderlinge verbindingen, minder intuïtief, prikkels die vaak intenser binnenkomen. Het kost dagelijks bakken met energie om die overload aan informatie te verwerken. En energie, dat is dat vaak waar het misgaat. De batterij is veel sneller leeg, helemaal als dagelijks maskeren de macht der gewoonte is. Een extra uurtje slaap is dan niet voldoende om te herstellen.
Hoe kan je dan je rust pakken? Velen voelen zich schuldig, doordat zij soms meer pauze nodig hebben of een taak minder lang kunnen volhouden.
Hoe je die rust neemt, verschilt per persoon. De verschillen in autisme zijn net zo uiteenlopend als de karakters van de neurotypische mens. De ene laadt op door stimmen, de ander door wandelen in de natuur, tot iemand die overdag domweg ligt in een stille, donkere ruimte. Wat vooral een belangrijke factor is, is dat men iemand met autisme ook die ruimte geeft om te herstellen. We moeten voelen dat we de ruimte in mogen nemen om te rusten. We zijn al streng genoeg voor onszelf.
En laten we wel wezen, dit geldt niet enkel voor iemand met autisme, dit geldt net zo hard voor de rest van de samenleving. Wat is rust voor jou? En wat ga je doen om die rust te handhaven?